Skip to content Skip to footer

Wtta uitgelegd voor uitzendbureaus en andere uitleners

De Wtta is de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten. De wet bepaalt dat bedrijven die personeel uitlenen dat alleen nog mogen doen met een officiële toelating. Geen toelating, geen uitlening.

De wet treedt in werking op 1 januari 2027. De Arbeidsinspectie gaat handhaven vanaf 1 januari 2028. Maar uw eerste stap valt eerder, namelijk dit najaar.

Dit artikel legt uit wat het toelatingsstelsel inhoudt, of u eronder valt, welke datums gelden, wat de toelating u kost en welke verplichtingen daarnaast blijven staan.

Uw eerste deadline valt op 31 december 2026

Van 1 november tot en met 31 december 2026 kunnen uitleners zich bij de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt aanmelden voor de overgangsregeling. De toelating zelf vraagt u pas later aan, van 1 mei tot en met 30 juni 2027. Bron: Toelating uitleenmarkt (NAU)

In het kort

  • De Wtta vervangt de registratieplicht uit de Waadi door een toelatingsstelsel.
  • De wet treedt in werking op 1 januari 2027. De Arbeidsinspectie handhaaft vanaf 1 januari 2028.
  • De toelatingsplicht raakt uitzendbureaus, detacheerders, payrollbedrijven, stichtingen die uitlenen en buitenlandse uitleners.
  • Aanmelden voor de overgangsregeling kan van 1 november tot en met 31 december 2026.
  • De toelating vraagt u aan van 1 mei tot en met 30 juni 2027 bij de NAU.
  • Eisen zijn een VOG voor rechtspersonen, een waarborgsom van 100.000 euro en naleving van het normenkader.
  • Een toelating is vier jaar geldig en vraagt in die periode om tussentijdse inspecties.
  • Naast de toelating blijven verplichtingen gelden rond melden, administratie, arbeidsvoorwaarden, huisvesting en inschrijving in de BRP.
  • Inleners mogen vanaf 2028 alleen nog samenwerken met toegelaten uitleners en moeten vastleggen wie zij van wie inlenen.

Wat is de Wtta en het toelatingsstelsel

Wtta staat voor Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten. De wet regelt één ding. Wie personeel uitleent, mag dat straks alleen nog met een officiële toelating.

Achter die ene regel zit een groter doel. Op de uitleenmarkt gaat het al jaren te vaak mis, vooral bij arbeidsmigranten. Te lage lonen, te lange dagen, slechte huisvesting. Met het toelatingsstelsel wil de overheid malafide partijen van de markt weren en een eerlijker speelveld maken voor bureaus die het wél goed doen.

De Wtta is geen plan meer. Volgens de Rijksoverheid heeft de Eerste Kamer de wet op 11 november 2025 aangenomen, nadat de Tweede Kamer er in april 2025 al mee instemde. De invoeringsdatum is daarna bij Koninklijk Besluit vastgelegd.

Van registratieplicht naar toelatingsstelsel

Een misverstand dat we vaak tegenkomen gaat over het woord registratie.

Op dit moment kent de Waadi een registratieplicht. Wie arbeidskrachten uitleent, laat dat registreren bij de Kamer van Koophandel. Dat is een melding, geen toets. U vult het in en u staat geregistreerd.

De Wtta vervangt die registratieplicht door een toelatingsstelsel. Het verschil is wezenlijk. Een registratie krijgt u door hem aan te vragen. Een toelating krijgt u pas nadat iemand heeft gecontroleerd of u aan de eisen voldoet. Er zit een inhoudelijke beoordeling tussen, en die kan negatief uitvallen.

De overige bepalingen van de Waadi blijven wel gelden, waaronder de regels over gelijke behandeling van uitzendkrachten. De Wtta zet er een toelatingsstelsel bovenop, de rest verdwijnt niet.

Heeft u een Wtta-toelating nodig

De NAU hanteert drie punten. Voldoet uw situatie aan alle drie, dan bent u uitlener en heeft u een toelating nodig.

Valt u onder de Wtta?

Drie keer ja betekent dat u een toelating nodig heeft.

VRAAG 1

Stelt u een werknemer beschikbaar aan een ander bedrijf?

U levert mensen, geen afgebakend resultaat.

VRAAG 2

Krijgt u daarvoor een vergoeding van dat bedrijf?

Er staat een betaling tegenover.

VRAAG 3

Werkt die persoon onder leiding en toezicht van dat bedrijf?

De inlener bepaalt wat er gebeurt, hoe en wanneer.

Twijfelt u? De NAU biedt een beslisboom aan op toelatinguitleenmarkt.nl.

Het maakt niet uit of uitlenen uw hoofdactiviteit is of iets wat u ernaast doet.

Detachering, payroll en stichtingen

Detachering en payrolling vallen eronder. Uw werknemers staan bij u op de loonlijst, maar werken bij een ander bedrijf dat hen aanstuurt. De wet ziet dat als uitlenen. Ook stichtingen die werknemers uitlenen aan derden vallen onder de toelatingsplicht.

Het raakt daarmee de hele uitzendbranche, en een flink aantal organisaties die zichzelf niet als uitlener zien.

Zzp’ers en DGA’s

Werkt u als zzp’er zelf voor uw opdrachtgever en bepaalt u zelfstandig hoe u dat doet, dan heeft u waarschijnlijk geen toelating nodig.

Let op. Blijkt in de praktijk dat uw opdrachtgever wel leidinggeeft en toezicht houdt, dan kan de Arbeidsinspectie dit alsnog als uitlenen zien. Zowel u als de inlener kunnen dan een boete krijgen.

Bent u directeur-grootaandeelhouder en doet u via uw eigen bv werk bij een opdrachtgever, dan heeft u waarschijnlijk wel een toelating nodig. Heeft uw bv werknemers in dienst die onder leiding en toezicht van de opdrachtgever werken, dan geldt dat vrijwel zeker.

Buitenlandse uitleners

Is uw bedrijf in het buitenland gevestigd en leent u werknemers uit die daadwerkelijk in Nederland bij de inlener werken, dan geldt de toelatingsplicht ook.

De regels zijn zoveel mogelijk gelijk, met één praktisch verschil. Een buitenlands bedrijf kan geen VOG aanvragen, dus die verplichting geldt alleen voor Nederlandse bedrijven. Werkt er een Nederlandse bestuurder bij het bedrijf, dan geldt de VOG-verplichting wél. De eis van een financiële reserve geldt voor iedereen.

Wanneer u geen toelating nodig heeft

Bij aanneming of uitbesteding van werk is geen sprake van uitlenen. De werknemers werken wel bij de opdrachtgever, maar blijven onder leiding en toezicht van hun eigen werkgever. De opdrachtgever bepaalt wát er moet gebeuren, niet hóe het werk wordt uitgevoerd. Dat onderscheid is in de praktijk het lastigst en tegelijk het meest bepalend.

Ook uitlenen binnen hetzelfde bedrijf of tussen collega-bedrijven valt buiten de toelatingsplicht, zolang er geen winst wordt gemaakt.

Daarnaast noemt de wet drie uitzonderingen:

  • Sociale ontwikkelbedrijven die arbeidsbeperkten aanbieden om onder aangepaste omstandigheden te werken.
  • Stichtingen die een BBL-traject aangaan met een student en die student ter beschikking stellen aan het bedrijf waar de beroepspraktijkvorming plaatsvindt.
  • Particuliere beveiligingsbedrijven en recherchebureaus die voor dit werk beschikken over een vergunning van de minister van Veiligheid en Justitie.

En als u inleent

Ook inleners krijgen ermee te maken, al vraagt u zelf geen toelating aan. Vanaf 1 januari 2028 mag u alleen nog zakendoen met uitleners die zijn toegelaten of een ontheffing hebben. Doet u dat toch, dan riskeert u eveneens een boete.

Dat geldt voor de hele doorleenketen. Ook wanneer u via een toegelaten tussenpartij inleent van een uitlener die zelf geen toelating heeft, bent u in overtreding.

In het kort. Of u onder de Wtta valt, bepaalt niet uw briefpapier maar de feitelijke werkrelatie. Juist bij detachering, payroll en concernconstructies loont het om dat zorgvuldig te laten toetsen.

Toelating, vergunning of ontheffing

In de praktijk horen we drie woorden door elkaar gebruikt. Het loont om ze uit elkaar te houden.

Drie begrippen die niet hetzelfde betekenen

Toelating

De officiële term uit de wet. U vraagt hem aan bij de NAU en hij wordt verleend of geweigerd. Vier jaar geldig.

Vergunning

Staat niet in de Wtta, maar wordt in de markt veel gebruikt. Wie zoekt op een Wtta-vergunning, bedoelt de toelating.

Ontheffing

Iets wezenlijk anders. Stelt u vrij van de toelatingsplicht, maar niet van de overige verplichtingen.

Wanneer komt u in aanmerking voor een ontheffing

De ontheffing is bedoeld voor ondernemingen die maar in beperkte mate uitlenen, waarvoor de financiële en administratieve gevolgen van een volledige toelating te zwaar zouden zijn.

Volgens Bureau Cicero en Randstad gelden drie cumulatieve voorwaarden. Minder dan tien procent van uw jaaromzet komt uit uitlenen, die omzet blijft onder vijf miljoen euro per jaar, en u kunt aantonen dat u voorafgaand aan de aanvraag minimaal twaalf maanden loon heeft betaald.

U vraagt de ontheffing zelf aan en voegt een accountantsverklaring toe. De gegevens geeft u daarna jaarlijks opnieuw door aan de NAU. Vraagt u de ontheffing niet of te laat aan, dan mag u geen arbeidskrachten uitlenen en riskeert u een boete.

Een ontheffing is geen vrijbrief

Dit is het punt dat het vaakst wordt gemist. Een ontheffing geldt uitsluitend voor de toelatingsplicht. Alle overige verplichtingen uit de Wtta blijven van kracht, waaronder de meld- en administratieplicht, het doorgeven van arbeidsvoorwaarden, de huisvestingseisen en de zorgplicht rond inschrijving in de Basisregistratie Personen.

Ondernemingen met een ontheffing komen net als toegelaten uitleners in het openbare register te staan, zodat inleners kunnen zien dat zij legaal opereren.

De tijdlijn van de Wtta

De invoering verloopt gefaseerd. Veel berichtgeving gooit de aanmelding en de toelatingsaanvraag door elkaar, terwijl dat twee verschillende momenten zijn. Volgens de officiële NAU-site ziet de volgorde er zo uit.

Tijdlijn van de Wtta

STAP 1

1 nov tot en met 31 dec 2026

Aanmelden voor de overgangsregeling bij de NAU.

STAP 2

1 januari 2027

De Wtta treedt in werking. Het overgangsjaar begint.

STAP 3

Vóór 1 mei 2027

Inspectierapport aanvragen bij een erkende inspectie-instelling.

STAP 4

1 mei tot en met 30 jun 2027

Uitleners vragen hun toelating aan.

STAP 5

Vanaf 1 juli 2027

De NAU beoordeelt aanvragen en publiceert het openbare register.

STAP 6

1 januari 2028

De toelatingsplicht gaat in. De Arbeidsinspectie handhaaft.

Heeft u op 30 juni 2027 een geldig SNA-keurmerk? Dan is aanmelden niet verplicht, maar de NAU adviseert het wel nadrukkelijk. Lees hieronder waarom.

De nuance rond het SNA-keurmerk

Aanmelden voor de overgangsregeling is niet voor iedereen verplicht. Wie op 30 juni 2027 een geldig SNA-keurmerk heeft, hoeft eenmalig geen inspectierapport aan te leveren en wordt op basis van dat keurmerk toegelaten. De overige voorwaarden, zoals de VOG en de waarborgsom, blijven wel gelden.

De NAU adviseert desondanks nadrukkelijk om u wél aan te melden. De reden is een risico dat weinig bureaus meewegen.

Verliest u uw SNA-keurmerk tussen 1 januari en 30 juni 2027, en heeft u zich niet aangemeld, dan kunt u pas worden toegelaten nadat u alsnog een inspectierapport heeft aangeleverd. Ligt er op 1 januari 2028 nog geen besluit, dan moet u stoppen met uitlenen. Aanmelden kost weinig en dekt dat risico af.

Wat u moet doen om toegelaten te worden

Om toegelaten te worden, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen.

Een VOG voor rechtspersonen

Een geldige VOG-RP. Bij wijziging van bestuurders of sleutelposities dient u opnieuw in. Houd rekening met de doorlooptijd van de aanvraag zelf.

Een waarborgsom van 100.000 euro

Te storten bij de NAU per rechtspersoon, als financiële zekerheid voor het nakomen van uw verplichtingen. Houdt u zich aan de regels, dan krijgt u de waarborgsom na vier jaar terug.

Startende uitleners kunnen een voorlopige toelating krijgen van zes maanden. In die periode hoeft u nog geen inspectierapport te hebben, maar wel een geldige VOG-RP, u betaalt de waarborgsom en u houdt zich aan het normenkader. Als starter betaalt u eerst 50.000 euro en vult u dat bij de definitieve aanvraag aan tot 100.000 euro. De NAU kan die voorlopige toelating één keer verlengen met maximaal zes maanden.

De NAU meldt dat vrijstelling van de waarborgsom in sommige gevallen mogelijk is, maar werkt de voorwaarden zelf niet uit. Volgens Dirkzwager gaat het om vier cumulatieve eisen. Op 31 december 2026 minimaal vier jaar onafgebroken bij de KvK ingeschreven met uitlenen als bedrijfsactiviteit, in die periode aantoonbaar hebben uitgeleend, een VOG voor rechtspersonen, en een verklaring betalingsgedrag van de Belastingdienst die niet ouder is dan drie maanden. Voldoet u niet aan alle vier, dan bent u de volledige 100.000 euro verschuldigd.

Naleving van het normenkader

De fiscale, sociale en arbeidsrechtelijke eisen die een erkende inspectie-instelling vooraf en periodiek toetst. Hier gaat de meeste voorbereidingstijd in zitten.

Een inspectierapport of een geldig SNA-keurmerk

Bij de eerste aanvraag mag u in plaats van het inspectierapport een SNA-keurmerk overleggen, mits dat geldig is op 30 juni 2027. Wie nog geen SNA-keurmerk heeft, doet er verstandig aan dat traject niet uit te stellen.

Een toelating is niet voor altijd

Wordt u toegelaten, dan komt u voor vier jaar in het openbare register. Daarna vraagt u opnieuw toelating aan.

In die vier jaar vinden tussentijdse controles plaats. Een inspectie-instelling neemt contact met u op, beoordeelt of u nog steeds aan de eisen voldoet en stuurt het rapport naar de NAU. Klopt er iets niet, dan krijgt u meestal tijd om dat te herstellen. Werkt u niet mee of levert u geen informatie aan, dan kan de NAU uw toelating schorsen of intrekken.

U haalt dus niet één keer een certificaat en bent er vanaf. U moet doorlopend kunnen aantonen dat u nog steeds voldoet, ook drie jaar na uw toelating.

Tip. Begin met het op orde brengen van uw SNA-keurmerk en uw loon- en personeelsadministratie voordat het aanmeldvenster opengaat. Bureaus die nu al een inspectie laten doen, lopen volgens de NAU gemiddeld tegen een flink aantal verbeterpunten aan. Dat kost tijd om te herstellen.

De inspectie-instelling en het inspectierapport

De NAU beoordeelt uw aanvraag, maar controleert niet zelf of u aan het normenkader voldoet. Daarvoor zijn erkende inspectie-instellingen aangewezen. Zo’n instelling voert de inspectie uit en stelt het rapport op dat u bij uw aanvraag indient. De lijst met erkende instellingen wordt door de NAU gepubliceerd.

Wanneer u moet boeken

Hier verkijken de meeste bureaus zich op. Het aanvraagvenster loopt van 1 mei tot en met 30 juni 2027, maar het inspectierapport moet dan al bestaan of onderweg zijn.

Een inspectie inplannen, laten uitvoeren, verbeterpunten herstellen en een definitief rapport ontvangen is geen kwestie van weken. Reken terug. Alle uitleners in Nederland hebben in dezelfde periode hetzelfde nodig, bij een beperkt aantal instellingen.

Als het rapport nog niet klaar is

Ligt het inspectierapport bij uw aanvraag nog niet klaar, dan blokkeert dat uw aanvraag niet automatisch. Voorwaarde is wel dat u zich op tijd heeft aangemeld voor de overgangsregeling, uw aanvraag op tijd heeft ingediend, en kunt laten zien dat u actief bezig bent met het verkrijgen van dat rapport. Onder die voorwaarden mag u blijven uitlenen terwijl u wacht.

Dat is een vangnet, geen strategie.

Het inspectierapport is niet doorslaggevend

Een misverstand dat u geld kan kosten. De NAU kijkt bij de beoordeling niet alleen naar het inspectierapport, maar ook naar informatie van andere instanties, waaronder de Belastingdienst, de Nederlandse Arbeidsinspectie en de KvK. Daarnaast voert de autoriteit een betrouwbaarheidstoets uit.

Een positief inspectierapport betekent dus niet automatisch dat u wordt toegelaten. Een negatief rapport leidt ook niet automatisch tot afwijzing.

Wat de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt doet

Voor de uitvoering van de Wtta is een nieuwe overheidsdienst opgericht, de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt, kortweg de NAU. De NAU beslist namens de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de toelating van uitleners.

Concreet doet de NAU vier dingen:

  • Het aanmeldloket beheren voor de overgangsregeling en later voor de toelatingsaanvragen, via toelatinguitleenmarkt.nl.
  • Werken met erkende inspectie-instellingen die toetsen of een uitlener aan het normenkader voldoet.
  • Aanvragen beoordelen en toelatingen verlenen, weigeren, schorsen of intrekken.
  • Het openbare register bijhouden.

Het verschil met de Arbeidsinspectie

Let op het onderscheid tussen toelaten en handhaven. De NAU verleent de toelatingen en beheert het register. De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert vanaf 1 januari 2028 of u zich aan de toelatingsplicht houdt, en beboet wanneer dat niet zo is.

Twee verschillende instanties, twee verschillende rollen.

Het openbare register van toegelaten uitleners

De NAU houdt een openbaar register bij van iedereen die legaal op de uitleenmarkt actief is. Naar verwachting is dat register vanaf 1 juli 2027 beschikbaar.

In het register staan drie categorieën ondernemingen:

  • Ondernemingen die zijn toegelaten tot de uitleenmarkt.
  • Ondernemingen die onder de overgangsregeling vallen en van wie de aanvraag nog in behandeling is.
  • Ondernemingen met een ontheffing van de toelatingsplicht.

Het register is voor iedereen in te zien. Per 1 januari 2028 gaat het Waadi-register van de Kamer van Koophandel over naar dit openbare Wtta-register.

Zo controleert u uw uitzendbureau

Vanaf het moment dat het register live is, kunt u als inlener opzoeken of een uitlener is toegelaten. Vanaf 1 januari 2028 mag u alleen nog personeel inlenen bij partijen die erin staan.

Die controle is geen eenmalige actie. Een toelating kan worden geschorst of ingetrokken. Een uitlener die u in juli 2027 heeft gecontroleerd, kan in maart 2028 niet meer toegelaten zijn. Wie met tientallen uitleners werkt, heeft daar een terugkerend controlemoment voor nodig.

En tot 1 juli 2027

Tot het register live gaat is er nog geen officiële toelatingsstatus om te raadplegen. Dat betekent niet dat u niets kunt doen. Wat u nu al kunt nagaan bij uw uitzendpartners:

  • Hebben zij een geldig SNA-keurmerk? Dat is de basis voor de versoepelde overgang.
  • Melden zij zich aan voor de overgangsregeling in november of december 2026?
  • Hebben zij al contact met een inspectie-instelling, en wanneer staat hun inspectie gepland?
  • Kunnen zij de waarborgsom opbrengen, of komen zij in aanmerking voor de vrijstelling?

Dat gesprek nu voeren is prettiger dan in december 2027 ontdekken dat een leverancier waar u honderd krachten van betrekt geen toelating gaat halen.

De verplichtingen naast de toelating

Hier zit een blinde vlek in veel voorlichting over de Wtta. De aandacht gaat vrijwel volledig naar de toelating, terwijl de wet daarnaast verplichtingen kent die los daarvan gelden. Ook met een ontheffing blijven deze van kracht.

  • De meldplicht. Bepaalde wijzigingen en gegevens moet u bij de NAU melden.
  • De administratieplicht. U moet een administratie voeren die inzichtelijk maakt wie u waar en onder welke voorwaarden aan het werk heeft.
  • Informatie over arbeidsvoorwaarden. U moet arbeidskrachten informeren over de arbeidsvoorwaarden die voor hen gelden.
  • Huisvestingseisen. Verzorgt u huisvesting voor arbeidsmigranten, dan gelden daarvoor eisen.
  • De zorgplicht rond BRP-inschrijving. U moet zich inspannen om arbeidskrachten ingeschreven te krijgen in de Basisregistratie Personen.

Een toelating op zak hebben betekent dus niet dat u klaar bent. Het betekent dat u aan de toegangseis voldoet. De verplichtingen die daarna gelden, bepalen of u die toelating houdt.

Ook inleners hebben een administratieplicht

Inleners moeten vastleggen welke werknemers zij van welke uitlener hebben ingeleend. Dat is geen bijzaak. Het is de basis waarop de Arbeidsinspectie vanaf 2028 kan vaststellen of u alleen bij toegelaten partijen heeft ingeleend.

Wie met meerdere uitleners werkt en dat nu in losse mails en spreadsheets bijhoudt, heeft daar een structurele oplossing voor nodig voordat de handhaving begint.

Wat het normenkader van uw administratie vraagt

Op papier klinkt het overzichtelijk. Een VOG, een waarborgsom, een inspectierapport. Maar het normenkader vraagt meer dan een momentopname. Het gaat om aantoonbare, doorlopende naleving die periodiek opnieuw wordt getoetst.

Een deel daarvan raakt direct aan identiteit en arbeidsgerechtigdheid. Een uitlener moet identiteitsdocumenten administreren en kunnen aantonen dat arbeidskrachten gerechtigd zijn om in Nederland te werken. Dat is geen eenmalige check bij indiensttreding, maar iets wat per kracht, per document en per einddatum bijgehouden moet worden.

Wat een inspecteur wil zien

Bij een inspectie gaat het niet om de vraag of u ooit iets heeft gecontroleerd, maar of u dat kunt laten zien. Concreet betekent dat per arbeidskracht:

  • Welk identiteitsdocument is gecontroleerd, wanneer, en door wie.
  • Of dat document op het moment van de controle geldig was.
  • Wat de verblijfstitel en de arbeidsmarktaantekening zeggen over het werkrecht.
  • Wanneer het document verloopt, en wat er is gebeurd op dat moment.
  • Waar de vastlegging is opgeslagen, en of die voldoet aan de bewaartermijnen uit de AVG.

Dat laatste levert een spanning op die veel organisaties niet scherp hebben. De Wet op de identificatieplicht vraagt u om vast te leggen, de AVG beperkt wat u mag bewaren en hoe lang. Een dossier dat te veel bevat is net zo goed een bevinding als een dossier dat te weinig bevat.

Voorbeeld, documentstatus per flexkracht

Medewerker A

✓ Identiteit geverifieerd

✓ Werkrecht aangetoond

Document geldig tot 2029

Medewerker B

✓ Identiteit geverifieerd

! Document verloopt over 14 dagen

Actie nodig vóór einddatum

Medewerker C

✓ Identiteit geverifieerd

✗ Werkrecht ontbreekt

Dossier onvolledig

Illustratief voorbeeld met fictieve gegevens.

Waar het in de praktijk misgaat

Documenten komen verspreid binnen, controles gebeuren deels handmatig, en dossiers blijven onvolledig tot het moment dat iemand ernaar vraagt. Bij een handvol krachten is dat te overzien. Bij honderden flexkrachten met wisselende contracten en verlopende documenten wordt het een administratieve last die fouten in de hand werkt.

Verlopende documenten zijn daarbij het grootste risico. Iemand die bij indiensttreding volledig in orde was, kan acht maanden later werken met een verblijfsdocument dat is verlopen. Zonder signalering merkt niemand dat, tot een inspecteur het opmerkt.

Daar zit het verschil tussen voldoen aan de wet op papier en het kunnen aantonen op het moment dat het telt.

Hoe DataChecker helpt

DataChecker richt zich op precies dat stuk, de identiteits- en documentcontrole rond het in dienst nemen en uitlenen van personeel. Niet de juridische toelating zelf, wel de controle en dossiervorming die het normenkader eromheen verlangt.

Twee oplossingen werken hierin samen, met identiteitsverificatie als basis eronder. Right to Work beantwoordt de juridische vraag of iemand mág werken. Know Your Employee zorgt dat het volledige dossier compleet is om te starten.

Right to Work en Know Your Employee, wat is het verschil?

Beide bouwen op identiteitsverificatie als basis. Het verschil zit in de vraag die ze beantwoorden.

Mag deze persoon hier werken?

Right to Work

De gerichte juridische toets van het werkrecht, gekoppeld aan de Wet arbeid vreemdelingen. Eén duidelijke uitkomst, ja of nee.

✓  Identiteit en echtheid van het document

✓  Verblijfstitel en arbeidsmarktaantekening

✓  Werkvergunning waar nodig (TWV of GVVA)

Kernvraag. Toetst het wettelijke werkrecht. Smal en diep, vóór de eerste werkdag.

Is het dossier compleet om te starten?

Know Your Employee

De bredere verificatie die alle vereiste documenten verzamelt en controleert, zodat iemand veilig en compliant kan beginnen. Verschilt per sector, functie en land.

✓  VOG, certificaten en diploma’s

✓  Rijbewijs, loonbelastingverklaring, attesten

✓  Alles gebundeld in één gecontroleerd dossier

Kernvraag. Borgt de volledigheid van het dossier. Breed, alle documenten die de start vereist.

De controles draaien geautomatiseerd, inclusief de vervaldatum van document en aantekening in het rapport. Het resultaat is een onderbouwd dossier dat u kunt laten zien wanneer een inspectie-instelling of de Arbeidsinspectie ernaar vraagt.

Dat maakt u niet automatisch toegelaten, dat blijft het oordeel van de NAU. Maar het haalt het handwerk en de gaten uit het deel van het normenkader dat over identiteit en arbeidsgerechtigdheid gaat.

Plan een demo en ontdek hoe u de identiteits- en documentcontrole voor uw flexkrachten op orde brengt vóór de Wtta ingaat.

Verwante wetgeving

De Wtta staat niet op zichzelf. Voor uitleners en inleners haken er een paar wetten op aan die over dezelfde kern gaan, wie u legaal aan het werk mag zetten en hoe u dat aantoont.

Laatst bijgewerkt september 2026. Gebaseerd op toelatinguitleenmarkt.nl (NAU), rijksoverheid.nl en nlarbeidsinspectie.nl.

veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over de Wtta.

Wat betekent Wtta?

Wtta staat voor Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten. De wet voert een verplicht toelatingsstelsel in voor bedrijven die personeel uitlenen, zoals uitzendbureaus en detacheerders.

De wet treedt in werking op 1 januari 2027. De Nederlandse Arbeidsinspectie start de handhaving op 1 januari 2028. De Wtta is niet uitgesteld, de invoeringsdatum is bij Koninklijk Besluit vastgelegd. Uw eerste deadline ligt eerder, namelijk 31 december 2026, wanneer het aanmeldvenster voor de overgangsregeling sluit.

Voor iedereen die tegen betaling arbeidskrachten ter beschikking stelt aan een ander bedrijf, waar zij onder leiding en toezicht van die inlener werken. Dat raakt uitzendbureaus, detacheerders, payrollbedrijven en stichtingen die uitlenen, en ook buitenlandse ondernemingen die in Nederland personeel uitlenen. Bepalend is de feitelijke werkrelatie, niet de naam van het contract. Uitgezonderd zijn onder meer uitlenen binnen hetzelfde bedrijf zonder winstoogmerk, sociale ontwikkelbedrijven, BBL-stichtingen en beveiligings- of recherchebureaus met een vergunning van de minister van Veiligheid en Justitie. Ook inleners mogen vanaf 2028 alleen nog met toegelaten uitleners samenwerken.

Aanmelden voor de overgangsregeling kan van 1 november tot en met 31 december 2026. De toelating zelf vraagt u later aan, van 1 mei tot en met 30 juni 2027. Het zijn twee aparte stappen op twee aparte momenten.

De waarborgsom bedraagt 100.000 euro per rechtspersoon. Startende uitleners betalen eerst 50.000 euro bij een voorlopige toelating en vullen dat na zes maanden aan tot 100.000 euro. Houdt u zich aan de regels, dan krijgt u de waarborgsom na vier jaar terug. In bepaalde gevallen is vrijstelling mogelijk, onder meer voor bedrijven die op 31 december 2026 al vier jaar onafgebroken uitlenen en een verklaring betalingsgedrag van de Belastingdienst kunnen overleggen.

Vanaf 1 januari 2028 mag u zonder toelating of ontheffing geen personeel meer uitlenen. Inleners die toch met niet-toegelaten uitleners werken, riskeren eveneens een boete. Let op het verschil tussen beide. Een toelating vraagt u aan en die is vier jaar geldig. Een ontheffing stelt u vrij van de toelatingsplicht, maar niet van de overige verplichtingen uit de Wtta, zoals de meld- en administratieplicht, het doorgeven van arbeidsvoorwaarden, de huisvestingseisen en de zorgplicht rond inschrijving in de BRP.

Ja. Buitenlandse ondernemingen die in Nederland arbeidskrachten ter beschikking stellen, vallen ook onder de toelatingsplicht. De regels zijn zoveel mogelijk gelijk, met een praktisch verschil. Een buitenlands bedrijf kan geen VOG aanvragen, dus die verplichting geldt alleen voor Nederlandse bedrijven. Werkt er een Nederlandse bestuurder bij het bedrijf, dan geldt de VOG-verplichting wél. De eis van een financiële reserve geldt voor alle uitleners.

Vanaf 1 juli 2027 houdt de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) een openbaar register bij op toelatinguitleenmarkt.nl. Daarin kunt u als inlener opzoeken of een uitlener is toegelaten, een ontheffing heeft of onder de overgangsregeling valt. Vanaf 1 januari 2028 mag u alleen nog personeel inlenen bij partijen die in dat register staan. Tot 1 juli 2027 is er nog geen officiële toelatingsstatus om te raadplegen.

De voorbereiding draait om een paar concrete stappen. Zorg dat uw SNA-keurmerk op orde is, want dat vormt de basis voor de versoepelde overgang. Breng uw loon- en personeelsadministratie op orde voordat het aanmeldvenster op 1 november 2026 opengaat. En zorg dat u van uw flexkrachten de identiteit en het werkrecht per document en per einddatum kunt aantonen, want dat is onderdeel van het normenkader dat vooraf en periodiek wordt getoetst. Wie op tijd begint, heeft ruimte om verbeterpunten uit een inspectie nog te herstellen.

Ketenaansprakelijkheid betekent dat elke schakel in een keten van opdrachtgevers, uitleners en inleners medeverantwoordelijk kan zijn voor wat er verderop in de keten misgaat, bijvoorbeeld niet-afgedragen loonheffingen of iemand die werkt zonder dat het mag. De Wtta staat naast die aansprakelijkheid en versterkt het belang ervan: vanaf 1 januari 2028 mag u als inlener alleen nog personeel inlenen bij een toegelaten uitlener, en dat geldt voor de hele doorleenketen. Ook via een toegelaten tussenpartij mag u niet inlenen van een uitlener die zelf niet is toegelaten. Een controle in het openbare register is daarbij een basisstap, maar het vervangt de bestaande fiscale en administratieve verplichtingen rond ketenaansprakelijkheid niet. Meer daarover leest u op onze pagina over de Wet ketenaansprakelijkheid. Voor uw specifieke situatie is fiscaal of juridisch advies op zijn plaats.

Go to Top