Skip to content Skip to footer

wet ketenaansprakelijkheid 2026 (BE)

Sinds 1 januari 2026 geldt in het Vlaamse Gewest een strengere wet ketenaansprakelijkheid bij illegale tewerkstelling. Werk je als opdrachtgever of aannemer met (onder)aannemers in de bouw, schoonmaak, vlees of pakketbezorging? Dan moet je voortaan documenten opvragen waaruit blijkt dat die (onder)aannemer geen illegaal verblijvende derdelanders inzet. Vanaf 1 juli 2026 wordt er ook echt op gehandhaafd.

In het kort

  • Sinds 1 januari 2026 geldt in Vlaanderen een nieuwe zorgvuldigheidsplicht.
  • Vier risicosectoren: bouw, schoonmaak, vlees, pakketbezorging.
  • Twee verplichtingen: een schriftelijke verklaring en, in risicosectoren, een documentencheck.
  • Boetes tot €48.000 per buitenlandse werknemer, plus mogelijke gevangenisstraf.
  • De gedoogperiode loopt af op 30 juni 2026.
  • De regeling geldt voor Belgische én buitenlandse ondernemingen die werken in Vlaanderen.

 

Wat houdt de wet ketenaansprakelijkheid 2026 precies in?

Elke schakel in een aannemingsketen kan aansprakelijk worden gesteld als ergens lager in die keten illegaal verblijvende derdelanders worden ingezet. Dat geldt voor opdrachtgevers, hoofdaannemers en intermediaire aannemers. Het maakt niet uit of het om werknemers of zelfstandige onderaannemers gaat.

Derdelanders zijn mensen met een nationaliteit van buiten de EER en Zwitserland. Voor hen heb je in België een toelating tot arbeid nodig: een arbeidsvergunning, een gecombineerde vergunning of een beroepskaart als ze zelfstandig zijn. Werkt iemand zonder die toelating, dan spreken we van illegale tewerkstelling. Iedere schakel boven die werkgever in de keten kan dan worden aangesproken.

Helemaal nieuw is de wet niet. Het gaat om een aanscherping van bestaande Vlaamse regelgeving uit 2010 en de federale wet van 1999 over de tewerkstelling van buitenlandse werknemers. Wat wel nieuw is: er is nu een formele zorgvuldigheidsplicht met concrete documentvereisten, professionele opdrachtgevers vallen er ook onder, en er is een meldloket bij de Vlaamse Sociale Inspectie.

In het kort: de wet bestond al, maar tot 2026 kon je je verschuilen achter een contractuele clausule. Dat kan niet meer. Wie geen documenten kan tonen, is aansprakelijk.

Wet ketenaansprakelijkheid begint bij de handdruk

 

Op wie is de regeling van toepassing?

Drie groepen vallen onder de wet: professionele opdrachtgevers, hoofdaannemers en intermediaire aannemers die werkzaamheden laten uitvoeren in Vlaanderen.

Of jouw bedrijf in België of in het buitenland gevestigd is, maakt niet uit. Zodra er werkzaamheden plaatsvinden in het Vlaamse Gewest, geldt de wet. Een Nederlands hoofdkantoor dat een Belgische bouwopdracht uitbesteedt aan een Pools onderaannemingsbedrijf valt er net zo goed onder als een Antwerps schoonmaakbedrijf.

Particulieren die voor privédoeleinden een aannemer inschakelen, vallen erbuiten. Met één uitzondering: ook particulieren zijn aansprakelijk als blijkt dat ze van de illegale tewerkstelling op de hoogte waren en niets hebben gedaan. Datzelfde geldt voor iedereen in de keten. Als de Vlaamse Sociale Inspectie kan aantonen dat je wist wat er gebeurde, helpt geen enkele schriftelijke verklaring of documentencheck je nog.

 

Welke sectoren vallen onder de zorgvuldigheidsplicht?

De Vlaamse Regering heeft vier sectoren aangewezen als risicosector. Werk je met een rechtstreekse (onder)aannemer in een van die sectoren, dan komt de zorgvuldigheidsplicht bovenop de schriftelijke verklaring.

  1. Bouw. Werken in onroerende staat volgens artikel 30bis van de RSZ-wet, inclusief de levering van stortklaar beton en gevaarlijk werk uit de welzijnswetgeving.
  2. Schoonmaak. Alle activiteiten in de schoonmaaksector.
  3. Vlees. Slachten, uitsnijden, vleesbereiding en vleesproductie van hoefdieren, gevogelte en konijnen.
  4. Pakketbezorging. Koeriersdiensten in opdracht van postdiensten.

Buiten deze sectoren volstaat een schriftelijke verklaring van de (onder)aannemer. Geen documenten, geen meldloket, geen bewaarplicht.

Een principebesluit van de Vlaamse Regering op 13 februari 2026 voegde een paar uitzonderingen toe. De zorgvuldigheidsplicht geldt niet als:

  • de werkzaamheden in de bouw of schoonmaak minder dan €30.000 (excl. btw) bedragen en er geen onderaannemer is;
  • de werkzaamheden in de bouw of schoonmaak minder dan €5.000 (excl. btw) bedragen en er maar één onderaannemer is;
  • het om pakketbezorgers gaat met een tachograafplichtig voertuig, voor pakketten tot 31,5 kg.

Tip: twijfel je of jouw activiteit onder “werken in onroerende staat” valt? Kijk dan naar de definitie in artikel 30bis van de RSZ-wet. Die is breder dan veel ondernemers denken en omvat ook installatie-, montage- en onderhoudswerkzaamheden.

 

Welke documenten moet je opvragen en bewaren?

De zorgvuldigheidsplicht vraagt dat je voordat de werkzaamheden beginnen een aantal stukken opvraagt bij je rechtstreekse (onder)aannemer en die bewaart. Wat je precies opvraagt, hangt af van de tewerkstellingssituatie.

In de praktijk vallen de basisdocumenten in vier categorieën:

  1. Over de (onder)aannemer zelf. Bedrijfsnaam, KBO-nummer, contactgegevens en de schriftelijke verklaring dat ze geen illegaal verblijvende derdelanders inzetten.
  2. Identiteit van werknemers en zelfstandigen. Paspoort, identiteitskaart of reistitel. Voor derdelanders het document waarop nationaliteit én verblijfsstatus staan.
  3. Toelating tot arbeid. Een geldige arbeidsvergunning, gecombineerde vergunning of beroepskaart voor zelfstandigen. Voor EU- en EER-onderdanen niet nodig, voor derdelanders wel.
  4. Aangiftegegevens. Bewijs van Dimona-aangifte (bij Belgische tewerkstelling) of Limosa-aangifte (bij detachering), en waar van toepassing een A1-formulier.

Een diepgaande echtheidscontrole is niet vereist. De wet vraagt een controle “als een goede huisvader”: ziet het er geldig uit, zijn er geen duidelijke vervalsingen. Verlopen documenten tellen wel als ontbrekend, dus daar moet je alert op zijn.

Ontbreekt er iets of klopt er iets niet, dan moet je dat melden bij de Vlaamse Sociale Inspectie via het meldloket op Vlaanderen.be. Pas met die melding voldoe je aan de zorgvuldigheidsplicht.

De bewaartermijn is maximaal 5 jaar na de samenwerking. Daarna mag je de documenten met het oog op de AVG niet langer bijhouden zonder grondslag.

In het kort: de inspectie verwacht geen recherchewerk van je, maar wel dat je de juiste documenten paraat hebt voordat het werk start. Een ontbrekend of verlopen papier is genoeg om aansprakelijk te worden gesteld.

Controleer al de papieren voor tewerkstelling.

 

Detachering of tewerkstelling: welke documenten horen waarbij?

Welke documenten je precies opvraagt, hangt af van hoe iemand bij jouw (onder)aannemer werkt. Er zijn twee scenario’s met elk een eigen set.

Scenario 1: detachering vanuit een ander EER-land. Een werknemer of zelfstandige is in een ander EER-land gevestigd en wordt tijdelijk in België ingezet. Dan vraag je:

  • een geldig paspoort of reistitel voor elke buitenlandse werknemer of zelfstandige;
  • bewijs van het recht op verblijf of een verblijfsvergunning van minstens 3 maanden in dat EER-land;
  • een Limosa-verklaring (L1), tenzij de werknemer vrijgesteld is;
  • een A1-verklaring, of het bewijs dat die is aangevraagd.

Scenario 2: tewerkstelling van een derdelander. Het gaat om iemand met een nationaliteit van buiten de EER en Zwitserland die hier komt werken. Dan vraag je:

  • een geldig paspoort of reistitel;
  • bewijs van wettig verblijf in België;
  • bewijs van toelating tot arbeid, dus een arbeidskaart B of een gecombineerde vergunning voor werknemers, of een beroepskaart voor zelfstandigen;
  • een Dimona-verklaring, of een Limosa-verklaring als het om detachering van buiten de EER gaat.

In de praktijk gaat het bij ketenaansprakelijkheidsproblemen vaak om misbruik van EER-detachering. Een derdelander met wettig verblijf in een ander EER-land wordt via een werkgever daar gedetacheerd naar België. Dat mag, mits aan de detacheringsvoorwaarden wordt voldaan. Wanneer dat niet zo is, bijvoorbeeld omdat de Belgische loonstandaarden niet worden gerespecteerd, ontstaat sociale dumping en oneerlijke concurrentie. Daarom kijkt de zorgvuldigheidsplicht naar beide scenario’s.

Tip: loopt de geldigheid van een document af voordat de werkzaamheden zijn afgerond? Wijs je (onder)aannemer er dan op tijd op dat hij dat document moet vernieuwen. Hij is als werkgever verplicht om altijd over geldige documenten te beschikken, en jij voorkomt zo dat je halverwege het project alsnog aansprakelijk wordt.

Deze opsplitsing is gebaseerd op de UNIZO Snelwijzer Ketenaansprakelijkheid, waar DataChecker partner van is. Lees de volledige snelwijzer bij UNIZO voor het complete overzicht en het schema “wie levert welke documenten aan wie”.

 

Wat zijn de sancties?

Wie de zorgvuldigheidsplicht negeert en bij wie illegale tewerkstelling wordt vastgesteld, riskeert twee soorten sancties.

Strafrechtelijk gaat het om 6 maanden tot 3 jaar gevangenisstraf en/of een geldboete van €4.800 tot €48.000. Administratief om een boete van €2.400 tot €24.000. Beide bedragen worden vermenigvuldigd per betrokken buitenlandse werknemer.

Concreet: een bouwbedrijf met tien illegaal tewerkgestelde derdelanders in onderaanneming kan in theorie €480.000 aan strafrechtelijke boete oplopen. Plus mogelijke vervolging van bestuurders.

Tot 30 juni 2026 geldt een gedoogperiode. Bedrijven die nog niet volledig in regel zijn, krijgen tot dan geen sancties. Vanaf 1 juli wel.

De vrijstelling werkt alleen als je aan álle voorwaarden voldoet. Een schriftelijke verklaring zonder documentencheck is niet zorgvuldig. En een documentencheck waarbij je iets verdachts ziet maar niet meldt, ook niet.

 

Waar begin je als HR of compliance?

Voor de meeste organisaties komt het neer op een paar concrete aanpassingen in je leveranciersproces. Wie de juiste documenten en checks tijdig inricht, voorkomt boetes en aansprakelijkheid. Begin bij jezelf.

Check eerst of je bedrijf in een van de vier risicosectoren zit: bouw, schoonmaak, vlees of pakketbezorging. Zit jij erin, dan ben je niet alleen mogelijk aansprakelijk als opdrachtgever, maar lopen jouw klanten ook risico via jou.

Daarna kijk je naar je onderaannemers. Welke contractpartijen vallen in een risicosector? En idealiter ook één laag dieper: in welke sectoren zitten hun onderaannemers? Voor die tweede laag ben je alleen aansprakelijk bij bewezen voorkennis, maar het overzicht hebben is sowieso verstandig.

Bouw vervolgens de schriftelijke verklaring en de documentencheck in als verplichte stap voordat de werkzaamheden starten.

Tip: richt het verificatieproces zo in dat de (onder)aannemer zelf de documenten van zijn werknemers verzamelt en uploadt. Jij blijft eindverantwoordelijk, maar de operationele last verschuift naar de partij die de informatie sowieso al heeft.

 

Hoe houd je het werkbaar?

Wet ketenaansprakelijkheid 2026 inspectie voorbereid

Identiteit is geen gokwerk. Een paspoort, identiteitskaart of verblijfsdocument moet kunnen worden gecontroleerd op echtheid, en dat moet samenvallen met de controle op de tewerkstellingsdocumenten. Zorg dat je tooling gebruikt die beide aankan: het identiteitsdocument beoordelen (NFC, MRZ, echtheidskenmerken) én in dezelfde flow vaststellen of er een geldige toelating tot arbeid is. DataChecker biedt API-integratie binnen je bestaande platform, of je gebruikt het DataChecker-portaal als plug-and-play startpunt.

Bewaar de documenten audit-ready. De Vlaamse Sociale Inspectie kan op elk moment om dossiers vragen. Een gedeelde map vol scans voldoet juridisch, maar reageert traag op een onaangekondigde controle. Een gestructureerd dossier per (onder)aannemer en per werknemer werkt veel beter.

Vergeet ook de looptijd niet. Arbeidsvergunningen en verblijfsdocumenten verlopen. De wet vraagt geen formele hercontrole tijdens de werkzaamheden, maar je aansprakelijkheid loopt door zolang het werk loopt. Bij langere contracten is het slim om op vaste momenten opnieuw te checken of alle papieren nog geldig zijn.

 

Hoe DataChecker helpt

DataChecker platform

DataChecker helpt bedrijven in de Benelux om identiteits- en werkrechtdocumenten in onboarding- en onderaannemingsketens geautomatiseerd te controleren. Voor de Vlaamse zorgvuldigheidsplicht ziet dat er zo uit:

  • ID-verificatie van paspoort, identiteitskaart of reistitel, inclusief NFC- en MRZ-uitlezing.
  • Controle van toelatingen tot arbeid, gecombineerde vergunningen en beroepskaarten via onze Right to Work-check.
  • Gestructureerde dossiers per werknemer en per (onder)aannemer, audit-ready opgebouwd.
  • EU-only dataverwerking binnen een ISO 27001-gecertificeerde omgeving die voldoet aan de AVG.

Zo wordt de zorgvuldigheidsplicht geen verzameling scan-mappen en losse e-mails, maar een vaste stap in je leveranciersproces.

Plan een demo en ontdek hoe je ketenaansprakelijkheid borgt in je eigen processen.

Veelgestelde vragen

 
Wat is ketenaansprakelijkheid in België?

Ketenaansprakelijkheid betekent dat elke schakel in een aannemingsketen, dus opdrachtgever, hoofdaannemer en intermediaire aannemer, aansprakelijk kan zijn als ergens lager in die keten illegaal verblijvende derdelanders worden tewerkgesteld. De regeling geldt sinds 1 januari 2026 in het Vlaamse Gewest in verscherpte vorm.

De aangescherpte regeling geldt sinds 1 januari 2026. Voor sancties is een gedoogperiode van zes maanden voorzien. Vanaf 1 juli 2026 wordt effectief gehandhaafd.

Vier risicosectoren: bouw, schoonmaak, vlees en pakketbezorging. Buiten deze sectoren volstaat een schriftelijke verklaring van de (onder)aannemer.

Schriftelijke verklaring, identiteitsdocumenten, toelating tot arbeid en Dimona- of Limosa-aangifte. Welke documenten precies, hangt af van of het om detachering uit een ander EER-land gaat of om tewerkstelling van een derdelander.

Strafrechtelijke boetes tot €48.000 en/of 6 maanden tot 3 jaar gevangenisstraf, of administratieve boetes tot €24.000. Beide vermenigvuldigd per betrokken buitenlandse onderdaan.

Nee, de aangescherpte zorgvuldigheidsplicht geldt alleen in het Vlaamse Gewest. De federale ketenaansprakelijkheden voor sociale, fiscale en loonschulden gelden wel in heel België.

De zorgvuldigheidsplicht richt zich op derdelanders. EU- en EER-onderdanen en Zwitsers hebben geen toelating tot arbeid nodig. Voor hen volstaat de identiteits- en Dimona-controle die je sowieso uitvoert.

Tot 5 jaar na de samenwerking. Daarna mag je ze met het oog op de AVG niet langer bijhouden zonder grondslag. De Vlaamse Sociale Inspectie kan binnen die termijn de documenten opvragen.

Go to Top